FJH

Het geroofde boek

Seymour (Shalom) J. Pomrenze (1915-2011), ‘the colonel’

Eind jaren ’80 deed ik een ontdekking in het Algemeen Rijksarchief (het latere Nationaal Archief) in Den Haag. In het archief van rijksarchivaris dr. D.P.M. Graswinckel (1888-1960) kwam ik namelijk het fotoalbum tegen dat hij in 1946 van de Amerikanen had gekregen. Het was het fotografische verslag van zijn eigen activiteiten bij de recuperatie van uit Nederland geroofde boeken en archieven. Het eerste transport terug naar Nederland waar hij bij betrokken was, was dat van de geroofde boeken van de Bibliotheca Rosenthaliana en Ets Haim (van de Portugezen).

Seymour Pomrenze en anderen

Uiterst rechts Capt. Pomrenze met naast zich de Nederlands rijksarchivaris dr. D.P.M. Graswinckel (1888-1960), en andere officieren voor het Offenbach Archival Depot op 12 april 1946 (NA, Den Haag, Archief Graswinckel, nr. 21, 39)

Niemand kende die foto’s van maart 1946. Ik verdiepte me verder in het onderwerp en stuitte op de rol die de eerste directeur van het Amerikaanse verzamelpunt van door de Duitsers geroofde boeken in Offenbach had gespeeld, een mij onbekende capt. Seymour J. Pomrenze. Onwillekeurig ging ik ervan uit dat hij niet alleen geschiedenis gemaakt had, maar inmiddels ook zelf geschiedenis was geworden. Laat hij echter vermeld worden in Who’s who in World Jewry, een handig naslagwerk dat bij ons op de Studiezaal stond. Niet alleen biografische bijzonderheden met een adres, maar zelfs met een foto. Ik zocht contact en bracht hem in 1991 een bezoek in New York, waar hij mij met trots zijn Nederlandse ‘Museum medaille’ liet zien: erkenning van zijn verdiensten voor de terugkeer van Nederlands cultureel erfgoed. Sinds die tijd heeft het onderwerp me niet meer losgelaten.

In 1996 organiseerden we – met medewerking van o.a. collega-bibliothecaris Abraham Rosenberg in het complex van de Portugees-Israelitische Synagoge een symposium om de 50 jaar na de terugkomst van de boeken te markeren. Daarbij nodigden we Pomrenze en zijn echtgenote uit. Hij haalde toen zijn levendige herinneringen aan 1946 op. en beëindigde zijn verhaal met de woorden: ‘In retrospect, Offenbach proved to be a most unusual and challenging assignment (a high point in my 35 years of military and civilian service) with the U.S. Department of the Army and the Department of Defense. My transfer from China, India, and Burma to Germany to work in Offenbach on the greatest book restitution operation in history now seems truly providential. The 50th anniversary is indeed a welcome opportunity for commemoration.’ Tijdens zijn verblijf in Nederland, bezocht hij alle instellingen die het symposium mee organiseerden: de Bibliotheca Rosenthaliana, Ets Haim, Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis, Cultureel maçonniek centrum in Den Haag.

Aan het Offenbach Archival Depot besteedde ik aandacht bij diverse gelegenheden. In 1992 de publicatie van een selectie van de in Den Haag en elders aangetroffen foto’s rondom de recuperatie vanuit Offenbach. Op een symposium in 1998 in Jeruzalem stonden voor mij de exlibris van Offenbach centraal. Verder waren er beelden van Offenbach in de tentoonstellingen te Hungen, Hannover en Amsterdam (NIOD). Zie ons boekje Auf Transport! (2005).

Pomrenze en ik bleven contact houden – en mij bleef bij hoe ik een keer het grote flatgebouw aan de Hudson rivier binnenkwam en aan de receptie meldde dat ik voor Mr. Pomrenze kwam. Daarop vroegen ze me voor welke Mr. Pomrenze , waarop ik reageerde: ‘voor Colonel Pomrenze’. O, maar dan was het duidelijk, want daar was er maar één van …

Ons laatste contact was samen met Ruth en Julie-Marthe Cohen in 2009, waarbij hij ons vertelde over zijn bezoek aan president Bush samen met andere Monument Men en dat ik hem toen durfde toevoegen dat Bush er trots op mocht zijn zijn naast hem te staan (in plaats het omgekeerde, zoals hij het zag). We hadden gehoopt hem afgelopen september weer te zien, maar helaas hij overleed op 25 augustus, op bijna 95-jarige leeftijd. Zijn hartelijke belangstelling voor mij, voor ons, was altijd verrassend. Het leek alsof de goede relatie die hij ooit met Graswinckel had op deze Hollander was overgegaan. Misschien was dat ook wel zo.

Meer van en over Pomrenze is te vinden in publicatie 1997 en op Monuments Men Foundation.